Nederland telde medio september 2025 ruim 46.000 deelvoertuigen, 6 procent meer dan een jaar eerder. Het aantal deelauto’s, deelscooters en deelfietsen nam allemaal toe. Ook het aantal gemeenten dat deelmobiliteit aanbiedt groeide, van 257 naar 262. Dat blijkt uit de Staat van de deelmobiliteit 2025 van CROW-KpVV en Natuurlijk!Deelmobiliteit. Voor 2026 verwacht CROW dat deze groei doorzet: 2025 was het eerste jaar met grote regionale aanbestedingen voor deelmobiliteit, en er volgen naar verwachting meer. Ook hebben verschillende aanbieders concrete groeiplannen voor het komende jaar. Deelmobiliteit wordt een structureel onderdeel van hoe mensen zich verplaatsen, en dat vraagt om een fysieke plek waar al die vervoersvormen samenkomen.
Wat is een mobiliteitshub?
Een mobiliteitshub is een fysieke plek waar verschillende vervoersvormen samenkomen. Het gaat niet om een los fietsenrek of een enkele laadpaal, maar om een locatie waar meerdere opties voor de reiziger bij elkaar staan. Denk aan een plek waar de fiets wordt ingeruild voor de deelauto, waar een laadpaal staat voor elektrisch vervoer en waar bus of trein aansluit op de rest van de reis.
Voor gemeenten is dat een aantrekkelijk vooruitzicht. Autoluwe binnensteden, minder parkeerdruk en het behalen van klimaatdoelstellingen staan hoog op de agenda. Een mobiliteitshub maakt die doelen concreet. Er komen minder auto’s in de straat, meer ruimte voor groen en verblijf, en een duidelijke plek waar inwoners overstappen op een ander vervoermiddel.
Wat komt er samen bij een hub?
Deelauto’s en deelfietsen vormen meestal de basis. Daar komen laadpunten voor elektrisch vervoer bij, en steeds vaker ook een schakel voor stedelijke logistiek: de pakketautomaat. Last mile delivery, het laatste en duurste stukje van het bezorgproces, blijft een van de grootste uitdagingen binnen stadslogistiek. Een pakketautomaat op een mobiliteitshub biedt vervoerders een centraal afleverpunt, in plaats van dat ze langs tientallen losse adressen in de wijk moeten.
Hoe pak je het aan als gemeente?
Het opzetten van een mobiliteitshub begint meestal bij de locatie. Gemeenten kiezen vaak voor plekken waar vervoersstromen al samenkomen, zoals OV-knooppunten, wijkcentra of grote parkeervoorzieningen. Van daaruit wordt bepaald welke vervoersvormen en voorzieningen aansluiten bij de behoefte in de wijk. Samenwerking met vervoerders, deelmobiliteitsaanbieders en pakketdiensten is daarbij essentieel: een hub werkt pas goed als de partijen die er gebruik van maken, ook daadwerkelijk zijn aangesloten.
Voordelen voor verschillende partijen
Voor gemeenten betekent het minder bezorgbusjes in de wijk en minder verkeersbewegingen rond de hub. Voor vervoerders zit de winst vooral in de logistiek, bezorgen op één centraal punt in plaats van verspreid over de hele buurt scheelt kilometers en tijd. Inwoners profiteren op meerdere vlakken. Ze krijgen meer keuze in vervoer dichtbij huis, minder verkeersdrukte en overlast in de straat, en een pakketautomaat die dag en nacht bereikbaar is. En voor de locatie zelf, bijvoorbeeld een supermarkt of parkeerterrein bij de hub, kan een pakketautomaat een prettige extra reden zijn om langs te komen.
Een pakketautomaat toevoegen aan een mobiliteitshub is voor gemeenten een relatief eenvoudige stap met impact op de last mile. Wil je een pakketautomaat van De Buren plaatsen bij een mobiliteitshub in jouw gemeente? Neem contact met ons op, we denken graag mee over de juiste locatie en aanpak.



