De Autoriteit Consument en Markt heeft vorig jaar een groot onderzoek gedaan naar pakketvervoers. Mede dankzij de stijgende populariteit van e-commerce is het aantal pakketjes dat bezorgd wordt met tientallen procenten per jaar toegenomen. Echter stelt de ACM dat de populariteit van thuisbezorging ook nadelen heeft. In het rapport gaan ze in op deze nadelen, hoe zaken efficiënter kunnen worden geregeld en wat de wensen van de Nederlandse consument zijn. Lees hier de belangrijkste conclusies uit het rapport.
Een groeiende markt
De e-commerce markt ervaart een explosieve groei. De Nederlandse consument bestelt steeds meer en steeds vaker goederen online. Hierdoor is het aantal pakketten dat aan huis wordt bezorgd flink toegenomen. Zo was het aantal verzonden pakketten in 2018 circa 351 miljoen. Dat is een toename van 19 procent ten opzichte van 2017. Ook in de opeenvolgende jaren 2019 en 2020 was er een toename te zien in het aantal verzonden pakketjes voor Nederlandse consumenten. Zo blijkt uit de cijfers van het rapport. Er is dus sprake van een snelgroeiende markt. Dat betekent dat er ook steeds meer ruimte is voor nieuwe initiatieven en start-ups om toe te treden. Belangrijk is dat deze initiatieven dan focussen op verbetering en innovatie. Vooral op het gebied van last mile pakketbezorging is daar nog veel behoefte aan. De last mile zijn de laatste kilometers die een pakket afreist tot aan de uiteindelijke bezorging bij de consument. Tijdens de last mile wordt een groot deel van de kosten gemaakt.
Huidige stand van zaken in last mile pakketbezorging
In 2020 koos 82 procent van de Nederlandse consumenten voor pakket bezorging aan huis. Voor de consument is dit wel zo gemakkelijk. Maar helaas zitten er niet alleen voordelen aan. Zo ondervond de ACM bijvoorbeeld dat er bij thuisbezorging hoge kosten worden gemaakt op de last mile. Denk aan extra vervoersbeweging en maatschappelijke kosten, die tevens niet altijd kunnen worden doorgerekend. Bovendien gaan deze extra kilometers ten koste van de duurzaamheid, omdat er bijvoorbeeld meer CO2 wordt uitgestoten. Dit komt ook omdat de slagingskans bij de eerste bezorgpoging niet zo hoog is, waardoor bezorgers meerdere keren heen en weer rijden voor de levering van één pakket. De exacte cijfers daarvan heeft de ACM niet.
Ruimte voor verbetering
Om de duurzaamheid te verbeteren en te besparen op kosten, worden pakketkluizen beschouwd als goed alternatief voor thuisbezorging. Servicepunten, zoals een contactloze pakketautomaat of onbemande afhaalpunten, hebben als voordeel dat er maar één bezorgpoging en één pakketvervoerder nodig is om een grote hoeveelheid pakketten af te leveren. Dit is efficiënt en bespaart zowel kosten als uitstoot tijdens de bezorging van de pakketten. Echter ziet de ACM ook hier ruimte voor verbetering. Zo blijkt uit de cijfers dat slechts 16% tot 52% van de huishoudens beschikt over minimaal één servicepunt of pakketkluis op loopafstand. Voor efficiëntere pakketbezorging is een betere dekking van het aantal servicepunten en pakketkluizen nodig. Dit zorgt voor een duurzamer ingerichte last mile, een toegankelijk netwerk voor consumenten om pakketten te ontvangen én minder vervoersbewegingen. Servicepunten zijn daarmee een essentieel element van de pakketbezorging. Het is van belang dat bezorgdiensten hun netwerk aan servicepunten en pakketkluizen uitbreiden, zodat straks iedere consument op korte afstand een plek heeft om pakketjes af te leveren en op te halen.
Onze onbemande pakketkluizen bieden de oplossing voor zowel de consument als voor de pakketdiensten. De consument is niet langer afhankelijk van de bezorger (of de buurman) om een pakketje in ontvangst te nemen, maar kan deze zelf ophalen op een moment dat het hen schikt. Voor de pakketbezorger geldt dat ze voortaan nog maar naar één punt hoeven te reizen om meerdere pakketten af te leveren. Deze worden vervolgens veilig opgeslagen in de kluis.


